vrijdag 9 september 2011

Beste Jim, (hoofdstuk 3)

hoofdstuk drie: 



Dat was niet het geval. Een maand later had hij nog vier keer een code moeten oplossen. Hij had er genoeg van. Toen kreeg hij een idee. Hij kon kopieën naar de politie sturen. Hij moest dit wel goed plannen. Hij was er van overtuigd dat Jim zijn mail in de gaten hield en kon daarom niet via dat account naar de politie mailen. Ook zou de politie zijn IP adres kunnen achterhalen. Hij zuchtte. hij werd echt paranoïde. Toch vond hij dat het geen kwaad kon om voorzichtig te werk te gaan. Na school die dag ging hij naar de bieb en kocht hij tijd op internet. Hij ging zitten en maakte een Hotmail account aan. Hij zocht een E-mail van de politie en toen hij die gevonden had startte hij met het schrijven van een mailtje.

Hallo,

Ik heb een fout gemaakt en zit nu vast aan een contract met een gevaarlijk persoon. Ik word gedwongen om codes voor hem op te lossen. Ik wil doen wat goed is dus stuur ik vanaf nu een kopie van alle berichten naar jullie.

Hij vroeg zich af hoe hij het zou ondertekenen. Hij kon moeilijk zijn eigen naam gebruiken. Toen kwam hij op een idee. Ivan Bliminse. Een anagram voor ‘invisible man’. Hij glimlachte. Dat was een goed idee. Hij typte het eronder en klikte op ‘sent’. hij logde uit en ging naar huis. Alweer was er een code op hem aan het wachten in zijn E-mail. Hij zuchtte en ging aan de slag. De volgende dag kon hij zijn concentratie niet bij de lessen houden en was hij toch wel blij toen hij het had opgelost. hij ging naar de bibliotheek en logde in de mail. Hij had (1) mailtje.

Ivan Bliminse,

Wij stellen het erg op prijs dat jij dit doet maar we willen je wel waarschuwen. Als hij echt gevaarlijk is dan kan hij erg kwaad worden en ben je jowu leven niet zeker. Ook weten we dat er niemand hier in de buurt is die zo heet. We willen je helpen maar dan moeten we wel je naam weten.

jack Flohr, rechercheur

Harold las het mailtje en dacht na. Hij wilde het niet riskeren. Hij was er vrij zeker dat jim er achter zou komen. Hij had het gevoel dat ze hem aan het volgen was. Na even aarzelen mailde hij terug.

Mr. Flohr,

Ik weet vrij zeker dat ze me volgen en doe al veel moeite om dit geheim te houden. Ik sla jullie aanbod af.

Hij zette de code en de oplossing erbij en sloot weer af met Ivan Bliminse. Hij begon de naam steeds leuker te vinden. Hij sloot de computer af en ging naar huis, waar hij de oplossing van die code ook naar Jim stuurde.
De maand erna kreeg hij nog zes keer de opdracht om een code op te lossen.

Drie mannen zaten om de tafel in een kleine huiskamer. Het raam keek uit op de stad. “zaak 31C” zei de leider. “de wapendrop.” zei een van de andere twee. Hij was kaal en klein. “we moeten iemand hebben die niks weet.” Zei de leider weer. “we hebben Harold Willemse of Sarah Coenen.” Antwoordde de derde man. “beide van onze beste Jim service.” De leider glimlachte. Het was een enge glimlach. Er lagen twee foto’s. Een van Harold. De foto was van ver weg genomen maar met een sterke lens. Zijn half lange, bruine haar hing voor zijn ogen. De andere foto was van een chinees meisje met lang zwart haar. “ik denk dat we Harold het beste kunnen gebruiken.” Zei de leider. De andere twee stemden in. 

Geen opmerkingen:

Een reactie posten